Nieuwe plasmasnijmachine laat intensieve productie toe
Zinser leidt machinebouwer CEE nieuw tijdperk in
CEE ontwerpt en bouwt meterslange en -hoge installaties, waarbij de plasmasnijmachine een belangrijke schakel in het productieproces is. Voor sommige projecten moet die 24 uur aan een stuk kunnen blijven werken. "'Bedrijfszekerheid' is dan dus het kernwoord. Net daarom investeerden we in een nieuwe machine van Zinser, ter vervanging van een verouderd exemplaar. Dat die nu over de nieuwste snijtechnologieën beschikt, is natuurlijk mooi meegenomen", zegt chief production officer Kristof Cambré.
Duidelijke visie en missie
CEE staat voor 'Creative, Economical, Environmental' en draagt 'Climate positive industries' als baseline. "Wij willen ons steentje bijdragen aan de reductie van de CO2-emissies in energie-intensieve industrieën. En dit van de bouw tot de voeding en van de Benelux tot aan de andere kant van de wereld", verklaart medezaakvoerder Kristof Cambré. Het bedrijf is opgericht in 2007 en heeft vandaag zo'n 40 medewerkers in dienst.
Utilities en machinebouw
"We willen als bedrijf maatschappelijk relevant zijn en daarom streven we ernaar om met onze projecten steeds een zo groot mogelijke impact te hebben. Het gaat dan bijvoorbeeld om WKK-integraties, restwarmtevalorisatie, hot-cold balancing of de integratie van hogetemperatuur-warmtepompen, waarbij we dus verschillende nutsvoorzieningen verduurzamen", vervolgt Cambré.
"Sinds enkele jaren focussen we ons steeds vaker op de machinebouw voor droog- of roastingprocessen. De speerpunten voor de komende jaren liggen hierbij vooral op super heated steam drying en roasting van koffie en andere voedingsproducten. Met ons zusterbedrijf Ray and Jules hebben we sinds kort zelfs ons eigen koffiemerk, waarbij wij als eersten ter wereld CO2-vrije koffie produceren volgens onze eigen, gepatenteerde technologie: traag geroosterd op zonne-energie."
Van ontwerp tot werkende installatie
Het bedrijf spreidt die activiteiten over twee vestigingen. De tak procesengineering, projectmanagement en automatisatie is ondergebracht in Hamme-Mille, waar men ook over een eigen thermolabo beschikt. De mechanische engineering (CAD en CAE), constructie en prefabricatie gebeurt dan weer in het gloednieuwe bedrijfspand in Geel, van waar de gigantische installaties dan vertrekken voor de implementatie on site bij de klant.
"Wij staan dus steeds in voor volledige projecten; van een verkennende studie tot draaiende installatie. Hierbij maken we gebruik van de modernste technologieën op het vlak van testing in ons thermolabo, 3D-laserscanning, 3D-CAD-, FEM- en CFD-software. Hierdoor kunnen we steeds de nodige werkingsgaranties bieden voor onze machines", maakt Cambré zich sterk.
Bedrijfszekerheid
Voor de machinebouw investeerde men met de recente verhuis van Wiekevorst naar Geel in een nieuwe plasmasnijmachine, omdat de vorige verouderd was. "Die hadden we destijds trouwens al tweedehands aangekocht. Qua bedrijfszekerheid liet die soms te wensen over en bovendien wilden we voortaan over de nieuwste snijtechnologieën beschikken. Uiteindelijk kozen we voor de 2426i-plasmasnijmachine van Zinser", toont de medezaakvoerder.
24-uursproductie
Die heeft een snijtafel van 6 x 2,5 m, voor het snijden van staalplaten van 1,5 tot 60 mm dik, of 1,5 tot 50 mm in het geval van rvs. Naast die tafel is er een uitsparing voorzien om daar later eventueel nog een manipulator voor het snijden van buizen in te bouwen.
"Voor de constructie van grote installaties moet de plasmasnijmachine 24 uur aan een stuk kunnen blijven werken"
"Het is een robuuste machine, die een 24-uursproductie toelaat. Voor een betere procesbeheersing is de toorts immers zo ontworpen dat het mondstuk goed beschermd is bij eventuele botsingen. Zo blijft de snijkwaliteit hoog vanaf het doorsteken en kan de machine daarna autonoom blijven werken volgens het gemaakte CNC-programma", weet Cambré.
Dit is ook te danken aan de Hypertherm-plasmabron, met een vermogen van 300 A. Daarmee is die perfect afgestemd op de activiteiten van CEE. "Dit is een groot verschil ten opzichte van onze vorige snijmachine, die een bron van 125 A had", merkt de chief production officer op. "Ook het XPR-systeem en de Optimix-gasconsole zijn noemenswaardige technologische verbeteringen, die opnieuw leiden tot een merkelijk betere snijkwaliteit."
Met de oude machine kon men al bevelsnijden, maar omdat dit omslachtig was, paste men het vrijwel nooit toe. "Nochtans is dit heel handig voor het aanbrengen van laskanten. Nu is deze technologie doorontwikkeld en kunnen we recht en schuin snijden in één nesting, wat ons een grote tijdswinst oplevert", prijst Cambré zich gelukkig.
Rechtstreeks contact
Doorslaggevend in de keuze voor Zinser was een bedrijfsbezoek aan de Duitse machinefabrikant. "Daar kwamen we meteen in contact met de directeur, wat ons charmeerde. Wij hadden een goede technische discussie en we merkten een no-nonsensementaliteit, wat we waarderen. Bovendien gebeurt de communicatie bij eventuele problemen of voor servicebeurten nu rechtstreeks, wat sneller en makkelijker is dan dat dit via een verdeler verloopt", stelt Cambré.
Ook het feit dat hij het atelier van CEE nu graag openstelt voor referentiebezoeken van Zinser, bewijst natuurlijk dat hij tevreden is over de samenwerking.
